De Vereniging Van TafeltennisTrainers (VVTT) is de belangenvereniging van en voor de Nederlandse tafeltennistrainer. Zij behartigt hun belangen, waarbij zij met name streeft naar vergroting van de kennis en vaardigheden. De  VVTT is op 18 juni 1988 opgericht.

De vergelijking tussen verdedigende slagen en de diverse soorten van noppenrubbers tegen de topspin aanval in het tafeltennis

Door Jacek Offierski en Elena Timina (Visie 72)

Samenvatting

Het veranderde formaat van de tafeltennisbal van 38 naar 40 millimeter heeft een significante invloed gehad op de speelstijl van de verdedigers in de tafeltennissport. Zij werden gedwongen hun slagen aan te passen en de grotere bal versnelde tevens de ontwikkeling van rubbers met noppen. Onderzoek en analyse van die impact zijn beschikbaar in diverse artikelen. (Tiefenbacher, Seydel, Durey, 1996).

Het doel van dit artikel is een referentiekader te schetsen voor de keuze van diverse soorten rubbers met noppen, in relatie tot de (bio)mechanica voor de gewenste, verdedigende slagen, welke kunnen worden gebruikt tijdens de training van potentiële verdedigers. In dit artikel ligt de focus alleen op verdedigende slagen tegen topspinballen en rubbers met noppen. De conclusies zijn gebaseerd op literatuurstudie en een experiment, dat is uitgevoerd door toptafeltennisser Elena Timina1 , een van de beste verdedigsters van Europa.

Op basis van deze resultaten kan voor een speler de eerste, voorlopige, keuze voor een rubber met noppen worden gemaakt. Vervolgens is een verfijnde afstemming nodig bij het bepalen van het rubber, afhankelijk van de gewenste speelstijl van de potentiële verdediger.

Soorten van verdedigen slagen

Om diverse slagen te controleren, moet de verdediger de bal met het tafeltennisbatje onder de meest geschikte hoek slaan, in de juiste richting en met de juiste timing. (Hudetz, 2000).

De soorten van verdedigende slagen in zijn algemeenheid, en dus ook de slagen tegen topspinaanvallen, zijn afhankelijk van diverse parameters. De meest bepalende factoren zijn de biomechanische kwaliteiten van de speler en de voorkeur van zijn bewegingen. Sommige, gedetailleerde analyses van het bewegen bij verdedigende slagen kunnen worden gevonden in vele bestaande onderzoeken (Tang, Wu 1996),  boeken over coachen (Tepper, 2004) en bij historische boeken (Sojinu, 1983). 

Het is voor dit artikel niet noodzakelijk om die bestaande onderzoeken uit te breiden of het aantal analyses van spelers te vergroten. Voor dit onderzoek worden de verdedigende slagen beperkt tot negen parameters, drie typen van bewegen (slagen) en drie punten, waar de bal wordt geraakt.

Verdedigende slagen tegen een topspinaanval moeten in eerste instantie de balsnelheid en de spin absorberen en tegelijkertijd voorzien in kwaliteit bij de defensieve returns door een exacte plaatsing van de bal op de tafelhelft van de tegenstander en controle over de geretourneerde spin. (Molodzoff, 2008).

Om aan deze noodzakelijke eisen te voldoen moet de bal met het tafeltennisbatje op de gewenste plek worden geraakt (bijv. op de onderste helft van het batje om lang contact met bal te houden, om zodoende veel effect te geven, dan wel op het bovenste deel het batje voor minder effect). Andere parameters zijn snelheid en de hoek van het tafeltennisbatje.  

Deze snelheid-hoek parameter bepaalt, samen met de karakteristieke eigenschappen van het rubber en de parameter van het raak-moment, de kracht die op de bal wordt uitgeoefend op het moment dat hij geslagen wordt.

Snelheid is één van de elementen die de kracht bepaalt en bestaat uit twee elementen: voorwaarts (Vf) of benedenwaarts. (Vd). Houdt er rekening mee dat de bal op het moment van raken zelf al snelheid en spin heeft.

vectors
Fig.1 Drie snelheidscombinaties bij het raken van de bal.

De beweging moet tijdens de slag zo worden uitgevoerd dat alle parameters, op het moment dat de bal met het batje wordt geraakt, correct zijn voor de gewenste slag. Hoe dat wordt bereikt, is van secundair belang. Zo kan bijvoorbeeld een speler met een snelle onderarm de slag lager inzetten, terwijl een speler die zijn onderarm minder gebruikt de slag op hoofdhoogte moet inzetten.

Figuur 1 – laat zien welke mogelijke parameters voor dit onderzoek zijn gekozen:

  • Horizontale snelheidscomponent is kleiner dan de verticale component (Vf < Vd);
  • Horizontale snelheidscomponent is gelijk aan de verticale component (Vf =V d);
  • Horizontale snelheidscomponent is groter dan de verticale component (Vf > Vd),

 Dit kan direct worden vertaald naar de hoek (α) parameter, waar de bal wordt geraakt.

hoeken
Fig.2 Hoeken waar bal wordt geraakt.

Voor de uitvoering van dit onderzoek worden drie basistypen slagen gebruikt: 

  • De verticale slagen (α rond 0°) worden in dit artikel aangeduid als ‘Cut’ slagen. Deze worden gebruikt tegen zeer snelle topspin-aanvallen (en ook tegen smash ballen). 
  • De slagen waarbij het raakvlak ongeveer 30° < α  < 70° is. Deze worden het meest gebruikt als defensieve slagen tegen topspinballen. Ze worden in dit artikel aangeduid als ‘Chop’ slagen.
  • De horizontale slagen (α ongeveer 90° ) worden in dit artikel aangeduid als schuif slagen. Deze worden meestal gebruikt tegen langzame, relatief hoge ballen met veel topspin en lage backspin ballen.

Merk op dat:

  • Hoek (α) verandert als gevolg van een combinatie van snelheden. 
  • Hoek (α) afhankelijk is van het gebruikte type rubber (zoals lengte, diameter en/of dichtheid van de noppen, stroefheid van het rubber, dikte van spons, etc. – zie het volgende hoofdstuk);
  • Hoek (α) kan worden aangepast aan het gewenste of noodzakelijke raakvlak van de bal.

koji
Fig.  3 – Voorbeeld van de verticale ‘cut‘ door Matsushita Koji

JooSeHyuk
Fig.  4 – Voorbeeld van de klassieke ‘chop‘ door Joo Se Huyk

(Beide spelers gebruiken op de backhandkant Butterfly Faint Long III rubber met lange noppen).

Soorten rubbers die worden gebruikt voor defensieve slagen.

In zijn algemeenheid, kunnen alle typen rubbers worden gebruikt voor defensieve slagen. Noppen zijn echter het meest geschikt vanwege de specifieke eigenschappen van de rubbers. De moderne verdediger moet echter ook in staat zijn om aanvallende slagen te ontwikkelen. Om die reden wordt vaak gekozen voor rubbers, die een compromis zijn tussen aanvallende en defensieve eigenschappen.

De rubbers kunnen worden verdeeld in de twee belangrijke categorieën, die door de Internationale Tafeltennis Federatie (ITTF Handboek 2013) en NTTB zijn toegestaan.

  1. gewone noppen rubbers – (noppen naar buiten) waarbij de noppen gelijkmatig verdeeld zijn over het oppervlak,
  2. sandwichrubbers – (noppen naar buiten of naar binnen), met een spons, natuurlijk of synthetisch, als onderlaag. 

Rubbers met noppen naar binnen, kunnen verdeeld worden in twee typen: 

  1. Noppen naar binnen – waarbij de stroefheid van het oppervlakte verantwoordelijk is voor de hoeveelheid rotatie effect, de geometrie van de noppen voor de richting van de teruggeslagen bal en de spons grotendeels voor de hardheid en de snelheid.
  2. Anti-spin – waarbij de stroefheid van oppervlakte opzettelijk is verlaagd tot zijn minimum om onafhankelijkheid van de inkomende spin te verkrijgen.

Rubbers met noppen naar binnen (inverted) worden ook gebruikt om defensieve slagen uit te voeren, maar ze vallen buiten dit artikel.

Rubbers met noppen naar buiten kunnen worden onderscheiden in typen:

  1. Korte noppen,
  2. Halflange noppen – (hoewel de exacte definitie van halflange noppen niet bestaat).
  3. Lange noppen.

Het verschil tussen lange en korte noppen (zie fig. 5) wordt als volgt omschreven: 

pip_def
Fig.5 Noppen maten definitie

aspectratio
waarbij de aspect ratio van

  • korte noppen is: < 0.89
  • lange noppen is: > 0.89, maar niet meer dan 1.1

Het volgende diagram toont de grenzen van het formaat van de noppen en de diameters (ITTF Leaflet 2012) waaraan de rubbers volgens de regels van de ITTF moeten voldoen.

rubber soort Noppen diameter
op top = a
Afstand tussen
noppen top = b
Noppen
hoogte = h
Inverted en Anti min. 1.0mm min. 0.5mm min. 0.5mm
Korte en Lange noppen 1.0-2.2mm 1.0-2.0mm min. 1.0mm

Tab.1 ITTF limiet formaat noppen

De basis karakteristieken van rubbers met noppen

De stijfheid (stroefheid) van het oppervlak is bij korte noppen minder dan bij de rubbers met de noppen naar binnen (zogeheten inverted rubbers) (fig. 6 en fig. 7). De hoeveelheid rotatie kan daarom bij een geretourneerde bal niet zo hoog zijn als wanneer deze met een inverted rubber, met dezelfde sponslaag en eigenschappen van het rubber,  zou zijn geslagen. De snelheid van de bal is echter na de stuit groter dan wanneer deze met een inverted rubber zou zijn geslagen. Het voordeel is dat een kleiner oppervlak veel gevoel en controle geeft bij de rotaties van elke tegenstander.

inverted1
Fig.6 – Het geraakte oppervlak bij inverted rubber. 

Merk op dat het geraakte gebied tussen de bal en het oppervlak, zoals getoond bij fig. 6, groter is dan bij de korte noppen in fig.7.

short1
Fig.7 – Het geraakte oppervlak bij rubbers met noppen (alleen noppen).

In vergelijking met de inverted rubbers worden de bewegingen bij de slagen met korte noppen in zijn algemeenheid meer open, rechtdoor en meer voorwaarts uitgevoerd.

Bij het verdedigende speltype gebruiken vrouwen in het moderne tafeltennis vaker korte noppen op de backhand, omdat het ze in staat stelt een actieve, verdedigende stijl te ontwikkelen met de mogelijkheid om rotaties te veranderen en met voldoende controle om snel aan te vallen.

long1
Fig.8 – (Door)buigen van lange noppen

Het grootste verschil tussen lange en korte noppen is het vermogen van het rubber om de noppen door te buigen (fig.8) op het moment dat de bal geslagen wordt. Dit effect vermindert het geraakte oppervlak nog meer dan bij korte noppen.

Verder zijn de rubbers met lange noppen, afhankelijk van de karakteristieken van het rubber en parameters als de slag (hoek etc), in staat om een `katapult effect’ te genereren. Ze kunnen ook gebruikt worden om de bal langs de noppen te laten glijden (borstelen).

Buigende noppen zorgen voor een significante vertraging van de retour balsnelheid. Om deze reden genereren lange noppen langzamere ballen dan andere rubbers. Langs de rubbers `borstelen’ of expres buigende noppen biedt de mogelijkheid om de inkomende rotatie goed te controleren. Het is met lange noppen niet mogelijk om zelfstandig significante spin te creëren. (Seemiller, 1997, Geske, 2009).
Een speler is bij lange noppen dus afhankelijk van de aankomende rotatie om zelf rotatie te kunnen creëren.

Wanneer de bal wordt geslagen of gesmasht met de hoek dicht bij α=0°, buigen de lange noppen in alle richtingen, met de neiging om de rotatie te stoppen. In een extreme situatie met hoge snelheid kan het gebrek aan rotatie resulteren in een `instabiele baan’. Een `instabiele baan’ is het gevolg van de weg die de bal zonder rotatie over de tafel volgt. Dit type return is niet stabiel tijdens beweging, omdat het geen `gyroscoop’ stabiliteit effect heeft door de rotatie van de bal. Vandaar dat door elke verandering in luchtvochtigheid of thermische veranderingen de baan van de bal verandert. Dit is voor de speler die de bal slaat nauwelijks te controleren, maar ook voor de speler die deze bal moet terugslaan praktisch niet te berekenen en/of te anticiperen.

Normaal gesproken worden defensieve slagen met lange noppen gebruikt voor de controle van draaiende ballen en om ze terug te brengen op de helft van de tegenstander met: of het tegenovergestelde (omgekeerde) spin en/of toegevoegde spin en/of een gedeeltelijke verandering naar zijspin.

Enkele jaren geleden werd een special type van zogeheten ‘friction-less’ lange noppen verboden door de ITTF. Deze rubbers konden een onvoorspelbaar effect creëren. Ze hadden harde noppen zonder stroefheid aan de top van de nop en als de noppen werden gebogen was het rubber in staat de spin te stoppen. Wanneer de noppen niet werden gebogen, was het effect gelijk aan wat anti-spin rubbers genereren.

Een rubber met noppen heeft ook andere parameters die invloed hebben op verdedigende slagen.

Spons: de sponsdikte, waarbij in extreme situaties geen spons wordt gebruikt, is verantwoordelijk voor de snelheid van de geretourneerde bal. Bij korte noppen is er een directe relatie tussen de dikte van de sponslaag en de snelheid van de bal. Bij lange noppen is, in samenhang met de snelheid, de dikte van de sponslaag echter verbonden aan de mogelijkheid om de rotatie te stoppen. Dit betekent dat een rubber met lange noppen zonder spons het gemakkelijkste is om spin te controleren.
Een andere relatie met de dikte van de spons is het doordringen van de spong op de hoek α op het moment van de slag. Een dikkere sponslaag, speciaal met combinatie met zachte spons, betekent meer doordringen. Deze eigenschap van het rubber met noppen,  in combinatie met de dikte en hardheid van de sponslaag, wordt door de spelers uitgelegd als ‘controle gevoel’.
De hardheid van spons heeft ook effect op de deformatie van de bal op het moment van raken. Bij een zachte spons bereikt de bal het frame eerder.

Structuur aan de bovenkant van de nop – stijfheid: Voor korte noppen is dit de basis parameter, die de adhesie van het rubber bepaalt. Voor lange noppen is het tegen een topspinaanval minder belangrijk, omdat lange noppen bijna altijd buigen en de bal de bovenkant van de nop niet raakt. Het heeft wel impact bij het ontvangen van backspin ballen. Houdt er rekening mee dat voor de meeste rubbers met noppen geldt dat hoe gladder het oppervlak is des te minder wrijving het rubber heeft.

pipstruct
Fig.9 – Verschillende typen bovenlaag van rubbers

Diameter van de bovenkant van de nop: Deze parameter bepaalt, samen met de structuur van de bovenlaag van de nop, de wrijving van het rubber. Om aan de regels van de ITTF te voldoen is het tevens rechtstreeks verbonden met de dichtheid van de noppen.

Hardheid van de noppen: Voor korte noppen heeft dat een gelimiteerd effect, maar voor slagen met lange noppen is het cruciaal. Flexibele noppen buigen gemakkelijker en geven tijdens het ontvangen van een topspinbal meer controle over de plaatsing en de spin van de bal. Het zijoppervlak van de nop kan hierdoor de wrijving van het rubber bepalen.

Dichtheid van de noppen: Het aantal noppen per vierkante centimeter is altijd verbonden met de diameter van de noppen. Dunnere noppen zijn flexibeler en zorgen voor een betere spinversnelling tegen topspinballen. Ze zijn echter niet in staat om het rotatie-effect te stoppen.

Vorm van de noppen: Bij voorbeeld trapezoidale. Deze vorm wordt vaak gebruikt bij korte noppen om de wrijving te versterken. Het tweede effect is een meer gelijke druk op de spons(laag), wat resulteert in meer balsnelheid. Lange noppen hebben bijna altijd een cilindrische vorm, omdat de trapezoidale noppen niet effectief buigen. 

shape
Fig.10 – Voorbeeld van trapezoidale en cilindrische noppen

De rol van het frame bij verdedigende slagen

In dit artikel zullen we niet de afhankelijkheid tussen verdedigende lagen en het type frame ter discussie stellen. Toch is het belangrijk om enkele parameters te benoemen die invloed hebben op verdedigende slagen.

Formaat van het frame: Defensieve frames hebben een groter oppervlak, maar dat is niet meer dan 5% (een paar vierkante centimeters), om voordeel te halen uit het grotere oppervlak waarop de bal kan stuiten en de mogelijkheid om de bal langer te `borstelen’. In vergelijking met bewegingen met aanvallende frames zijn de bewegingen met verdedigende frames langzamer, omdat ze meer luchtweerstand krijgen.

Hardheid: De hardheid van het frame is direct gerelateerd aan de snelheid van het frame. Een hard frame zal bij voorkeur worden gebruikt door de speler met korte noppen en door spelers met lange noppen, die geregeld gebruik maken van een inverted rubber om aan te vallen. Een zacht frame houdt de bal langer vast op het frame tijdens het slaan, met als resultaat meer controle. Dit effect is een consequentie van de baldeformatie op het moment van raken. Een meer gedeformeerde bal gaat sneller naar zijn originele vorm. Dat genereert meer ‘katapult’ effect.

Een mix van materialen bij het frame (carbon, acryl en metaal): Deze zijn niet aan te bevelen bij verdedigende slagen, vanwege de nog kortere contacttijd (hoge snelheid, minder controle). Daarbij genereren ze trillingen, die geen invloed hebben op aanvallende slagen, maar bij lange, verdedigende slagen de controle verminderen.

Experiment

Het doel van het experiment was het meten van de subjectieve controle gevoelens bij drie verdedigende slagen tegen topspin ballen.

De geselecteerde slagen zijn:

  • De verticale ’cut’. Daarbij is de hoek van de slag: 0° > α > 30°,
  • De klassieke ‘chop’. Daarbij is de hoek van de slag: 30° > α > 70°,
  • De ‘push’ (schuif). Daarbij is de hoek van de slag:  70° > α > 90°,

Om zoveel mogelijk relevante metingen te bereiken, werden diverse parameters gebruikt: 

  • De sponslaag was van hetzelfde type bij alle rubbers, met een dikte van 1 mm.
  • Hetzelfde frame werd gebruikt: Butterfly – Matsushita Pro Special.
  • Elke meting werd direct vergeleken met het voor dit experiment gehanteerde `referentie’ rubber: Butterfly – Feint Long III; de onderzoeker moet het verschil in controle beoordelen in vergelijking met het `referentie’ rubber op een schaal van 0 tot 10 punten (het referentie rubber had een vastgestelde score van 5).
  • De topspinbal werd geslagen met de hulp van een tafeltennisrobot om dezelfde spin, snelheid en plaatsing te produceren.

Om de invloed van diverse typen noppen op de slagen te kunnen bepalen, werden voor dit experiment verschillende soorten rubbers gekozen:

  • Vier soorten korte noppen, waarbij de diameter van de bovenlaag van de noppen varieerde van 1.7 mm tot 2,3 mm.
  • Twee soorten halflange noppen – één met hoge dichtheid en een tweede met een lage dichtheid.
  • Zeven verschillende rubbers met lange noppen.

In tabel 2 kan de vergelijking van de mechanische parameters van de geselecteerde rubbers worden vastgesteld: 

rubber
naam
bedrijf type a
mm
b
mm
h
mm
asp.
ratio
vorm hard/
zacht
Stru-
ctuur
Wrijving
[mN]
2
Dolphin Haifu kort 2.3 1.1 1.1 0.5 trap Hard Ja > 20
Rystorm Butterfly kort 1.9 1 1.2 0.63 trap Hard Ja > 20
Pistol Dr.Neubauer kort 2 1 1.1 0.55 cil Zacht Nee 9
Dr.Evil (729) Friendship kort 1.7 1 1 0.56 cil Hard Nee 4
Attack 8L Armstrong half-long 2.2 1 1.2 0.56 trap Hard Ja > 20
Shark Joola half-lang 1.2 1 1 0.83 cil Zacht Ja 3
C-8 DHS lang 1.9 1 1.7 0.94 cil Hard Ja 10
National Pongo CTT lang 1.8 1.3 1.8 1.03 cil Zacht Nee 11
Screw ONE Nittaku lang 1.6 1.3 1.5 0.94 cil Hard Nee 4
388D-1 DAWEI lang 1.7 1 2 1.19 cil Zacht Ja 12
CURL P-3αR TSP lang 1.6 1.5 1.7 1.12 cil Zacht Ja 3
CURL P-1R TSP lang 1.5 1.2 1.7 1.13 cil Zacht Ja 7
Feint Long III Butterfly lang 1.6 1.1 1.8 1.13 cil Zacht Ja 7

Sommige rubbers zijn geselecteerd, omdat ze worden gebruikt door spelers als: Elena Timina – Feint Long III, Joo Se Huyk – Feint Long III en CURL P-1R, Li Jie – Dolphin, Ai Fukihara – Attack 8 L, Martin Brinkhoff – Screw ONE, Arnoud Meijer – CURL P-3αR etc.

Tabel 3 laat de resultaten zien van de metingen, die voor dit experiment zijn uitgevoerd. Elke waarde vertegenwoordigt de waarde van de gemiddelde controle (van 1 tot 9) bij drie series van 5 minuten van het retourneren tegen topspin. Tussen elke gemeten serie werd een korte controle uitgevoerd met het referentie rubber (Feint Long III).

Tab.2 – Mechanische parameters van de gebruikte rubbers

  Chop
slag
Schuif
slag
Cut
slag
Dolphin 3 5 7
Rystorm 3 6 6
Pistol 1 9 7
Dr.Evil (729) 3 4 6
Attack 8 Type L 3 5 4
Shark 1 9 7
C-8 5 5 4
National Pongo 4 5 5
Screw ONE 3 6 6
388D-1 5 5 3
CURL P-3αR 6 5 6
CURL P-1R 6 5 4
Feint Long III 5 5 5

Tab. 3 – Gemeten resultaten

Analyse

Verschillende analyses zijn gebaseerd op de bereikte resultaten. In de eerste drie diagrammen worden de vergelijking van de defensieve slagen tegen een topspin bal gepresenteerd.

classical_chop
Fig.11 – Vergelijking van klassieke, defensieve slagen.

Figuur 11 – toont de vergelijking in controle van diverse rubbers tijdens het slaan van de klassieke, defensieve slagen. Het is duidelijk dat rubbers met korte of halflange noppen niet zo geschikt zijn voor deze slagen, maar juist wel voor de verticale ‘cut’ (Fig.12) 

vertical_cut
Fig.12 – Vergelijking verticale ‘cut’

Bij lange noppen is een toenemende invloed zichtbaar:  Shark, Screw One and CRUL P-3αR. Alle drie vertegenwoordigen ze rubbers met noppen met een lage wrijving (minder dan 4 Nm). Deze slag is een typische korte noppen slag, maar sommige lange noppen rubbers presteren hier ook niet slecht. 

classical_chop
Fig.13 – Schuif slag vergelijking.

Zoals is te zien in Figuur 13 is er niet veel verschil met de schuif slag, afgezien van sommige, positieve uitzonderingen. Bedenk wel dat dit alleen een vergelijking is tegen een topspin aanval. Als sommige rubbers het op dit onderdeel niet goed doen, kunnen ze wel degelijk goede resultaten hebben tegen andere soorten ballen, bijv. smash of backspin.

Figuur 14 toont een zichtbare samenhang tussen aspect ratio van het rubber  en controle tijdens de klassieke, verdedigende ‘chop’ slag.

samenhang
Fig.14 – Samenhang tussen controle van klassieke chop en aspect ratio

Twee rubbers in de laatste twee diagrammen wijken significant af van het overwegende patroon. Ze zijn allebei heel speciaal in hun familie. Pistol is een rubber met korte, cilindrische noppen in plaats van trapezoidale en Shark bestaat uit hele kleine, dicht op elkaar staande noppen.

Conclusie

Er kunnen diverse conclusies kunnen worden getrokken over het soort noppenrubbers in relatie tot verdedigende slagen tegen topspin:

  • Zoals verwacht zijn korte noppen de beste rubbers voor de verticale ‘cut’ bal,
  • Een hoog aspect ratio (lange noppen) zijn het beste voor de klassieke ‘chop’ slag,
  • De horizontale schuif kan door alle geteste rubbers met voldoende controle worden uitgevoerd.
  • Wanneer een speler omschakelt tot verdediger is het belangrijk om een rubber te selecteren dat het beste aansluit bij de biomechanica van zijn/haar slagen. Op basis van het gepresenteerde experiment kunnen diverse opties worden aanbevolen: 
    • Voor een speler met een voorkeur voor de ontvangst van de bal laag boven de grond, bijna horizontaal, bieden rubbers met noppen geen enkel voordeel. Ze kunnen worden gebruikt, maar een inverted rubber met voldoende controle doet het vermoedelijk beter. Deze stijl wordt internationaal niet gehanteerd, hoewel sommige Nederlandse spelers hem wel toepassen.
    • Voor spelers met de neiging om de bal bijna verticaal te kappen, zijn korte noppen de beste optie, hoewel een snelle beweging met de bovenarm is vereist. Een voordeel is de mogelijkheid van een snelle contra-aanval. Als een speler lange noppen wil gebruiken, zijn de harde noppen met lage wrijving de beste optie voor deze slag. Dit type rubber wordt vaak gebruikt voor defensieve slagen, dicht bij de tafel.
  • De meerderheid van de spelers, die de klassieke chop-slagen willen spelen, hebben lange, redelijk zachte noppen nodig, om voldoende controle te kunnen uitoefenen tegen topspinaanvallen.
  • Een toegevoegde sponslaag kan de controle vergroten bij zachte noppen en/of snelheid bij harde noppen. 
  • Halflange noppen (z.a. Amstrong Attack 8 L) hebben dezelfde eigenschappen als korte noppen en sommige eigenschappen van lange noppen. Welke eigenschap domineert is afhankelijk van het type rubber. Om deze reden kunnen ze worden verkozen tijdens de omschakeling naar een verdedigende speelstijl of voor spelers, die beide stijlen willen combineren. 

Literatuur

  1. Tiefenbacher K., Seydel R., and Durey A., 1996 “Analysis of the influence of special equipment materials on decisive strokes”, International Journal of Table Tennis Sciences, No.3,  China
  2. Tang, J., and Wu, X., 1996 “An analysis of characteristics of the main skills performed by top-ranting chop-and-attack players and their uses of these skills”, International Journal of Table Tennis Sciences, No.3,  China
  3. Sojinu J., 1983 “De geheimen van het Chinese tafeltennis”, Haarlem
  4. Tepper G., 2004 “ITTF-PTT Level 1 Coaching manual”, Switzerland
  5. Molodzoff P., 2008 “ITTF Advanced Coaching Manual”, Switzerland
  6. ITTF Handbook 2012/2013, http://www.ittf.com/ittf_handbook/ittf_hb.html
  7. Hudetz, R. 2000 “Table tennis 2000. Technique with Vladimir Samsonov”, Croatia: Huno Sport.
  8. ITTF Racket Coverings Technical Leaflet T4, 2011 http://www.ittf.com/_front_page/ittf1.asp?category=rubber
  9. Seemiller D., Holowchak M., 1997 “Winning Table Tennis – Skills, Drills and Strategies”, USA.
  10. Geske K.M., Mueller J., 2009 “Table Tennis Tactics – Your Path to Success”, Aachen

1)Elena Timina ( hoogste positie wereldranglijst: 29 (1996); Europa: 5) nam al in 1983 deel aan internationale wedstrijden bij de cadetten (jeugd). Namens Rusland nam Timina twee keer deel aan de Olympische Spelen. Zowel in Barcelona (1992) als in Atlanta (1996) werd ze bij het enkelspel in de eerste ronde uitgeschakeld en behaalde ze in het dubbelspel de kwartfinale.
Zij kwam tot 2008 acht keer uit op een wereldkampioenschap; vier keer voor Nederland en vijf keer voor Rusland (of de Sovjet-Unie). Op het WK behaalde Timina in 1995 een kwartfinaleplaats bij het dubbelspel. In 1990 en 1994 werd ze tweede bij het dubbelspel op het Europees kampioenschap.
Sinds 2006 komt zij voor Nederland uit. In 2008 nam zij deel aan het landentoernooi op de Olympische Spelen, het EK en WK. Op het EK won Elena Timina haar eerste medaille in 1990. In totaal won ze voor Rusland en Nederland 10 medailles bij Europese kampioenschappen. Met 4 Olympische Spelen en 5 Europese titels voor twee landen is ze enige speelster ter wereld. Sinds november 2012 is Elena bondscoach bij de Nederlandse tafeltennisbond (NTTB).

2)De wrijving toont alleen een relatieve waarde tussen de rubbers aan. De metingen werden niet met een ijkpunt opgevoerd voor een absolute waarde.


pdf bestand hier downloaden